17 Jan 2018

Waarom begon jij een Makkelijke Moestuin?

Vertel eens, wat was voor jou het moment dat je dacht: die Makkelijke Moestuin is wel wat voor mij?

Weet je dat dat voor iedereen anders is?

Soms hoor ik als reden dat je (bijna) geen onkruid hoeft te wieden. Soms omdat ik begon als complete leek: “Als hij het kan, kan ik het ook!”

Pas zei iemand rucola.

Rucola in moestuinbak
Rucola

Die man was zó gek op rucola dat ie elke werkdag een zakje bij de super kocht voor bij de lunch. Voor 2 euro.

De rekensom was simpel: 10 euro per week, 40 euro per maand. Zo’n startpakket verdient hij dus binnen 2 maanden terug.


Mijn Aha!-moment?

Voor mij was het een hoofdstuk uit het eerste boek van Mel Bartholomew:

Eerste boek Square Foot Gardening
Het eerste SFG-boek

Mel was de bedenker van Square Foot Gardening. Helaas is hij 2 jaar geleden overleden.

De Makkelijk Moestuin is gebaseerd op zijn geniale systeem.

Ik heb Mels hoofdstuk voor je vertaald. Het is een flinke lap tekst, maar ik vind het nog steeds super leuk om te lezen.

(De foto's zijn van hier in de buurt.)


Dit schreef Mel:

Hoe demotiverend en inefficiënt traditioneel tuinieren is begreep ik pas goed toen ik de leiding kreeg over een complex volktuintjes. 

Volkstuintjes in Winsum
Volkstuintjes

Onze vereniging had een stuk land omgeploegd en bemest en daarna in kleine kavels verdeeld. Liefhebbers konden zo'n tuintje huren om groenten en fruit te telen.

Er was veel belangstelling voor en in een mum van tijd waren alle beschikbare stukjes grond verhuurd. 


De start: lente

Op de eerste zonnige zaterdag in de lente kwamen de huurders in grote getale opdagen.

Onder invloed van de lentekriebels werd er druk gespit, geharkt, gezaaid en geplant. Mij deed het denken aan een pas verstoord mierennest.

Iedereen had het reuze naar de zin: druk in de weer, af en aan lopend, hurkend, zittend, gebogen, pratend, rondrennende kinderen, veel gelach en geschreeuw. We keerden terug naar de boezem van moeder Aarde en genoten van elke minuut. 

We maakten rijtjes voor de planten, groeven greppeltjes, plaatsten bonenstaken en strooiden zakje na zakje zaad uit over de vruchtbare, vochtige aarde.

Rijen stokbonen
Veel ruimte tussen de rijen

Onze gedachten sloegen op hol bij de visioenen van al die prachtige, heerlijke groenten die we spoedig zouden oogsten. 

De kinderen waren minder geduldig:

"Wanneer komen de zaadjes uit?"
"Wanneer gaan we naar huis?"
"Ik ben moehoe."
"Ik moet naar de WC."
"Ik heb dorst."
"Mag ik een ijsje?"
"Wanneer gaan we nu naar huis?"

Toch hadden we het allemaal erg naar onze zin en konden niet wachten tot de volgende week.

Toen iedereen weg was en ik het terrein afsloot, leek het wel een slagveld. De grond van onze zorgvuldig gespitte en uitgelegde tuin was overdekt met de sporen van voetstappen, vergeten tuingereedschap en de gebruikelijke rommel.

Maar iedereen ging tevreden naar huis.


De eerste weken

De week daarop was iedereen entousiast: de meeste zaadjes waren ontkiemd en op alle stukjes grond zag je prachtige rijtjes frisgroene blaadjes.

Sommige mensen begonnen met het uitdunnen en verspenen, anderen hielden het bij het sprakeloos bewonderen van al dat prachtige groen.

Helaas ontsproot er ook een hoop groen tussen de rijtjes. Sommigen begonnen met wieden, anderen waren te druk met het planten van de gekochte zaailingen uit het tuincentrum. 

In de volgende weken werd de vaste kern van de groep al zichtbaar. Oh, iedereen kwam door de week wel af en toe langs, maar je kon al zien welke tuintjes zouden floreren en welke niet.

Een aantal deelnemers belden me dat ze zouden verhuizen, iets anders hadden op de zaterdagen, of last kregen van hun rug.

Van de 100 beginnende tuinders vielen er in de eerste 2 maanden al 20 af. Gelukkig stonden er nog genoeg liefhebbers op de wachtlijst.


Zó veel te doen

Ondertussen rees de temperatuur en groeide alles als kool. Zo ook het onkruid.

Iedereen had moeite om bij te blijven met het wieden en water geven.

Wieden en schoffelen in de moestuin
Eindeloos wieden en schoffelen

Ondertussen moesten we de weelderige rijtjes zaailingen hoognodig uitdunnen. Maar niemand wilde die overbodige sla- of koolplantjes overnemen: iedereen had er zelf al zo veel.

Omdat we het moeilijk vonden om de jonge zaailingen om zeep te helpen, lieten de meeste van ons de rijtjes maar ongemoeid. Er was immers nog zó veel te doen: tomaten planten, onkruid wieden, steunstokken plaatsen en courgettes, pompoenen zaaien...

Dat uitdunnen kon wel wachten tot de volgende week.


De zomer

In de vroege zomer hielden alleen nog de meest serieuze en toegewijde tuinders hun tuintje op orde. De anderen oogstten een paar zielige kropjes sla en radijzen.

De meeste tuinders hadden - vóór ik ze kon tegenhouden - een heel zakje radijszaad gestrooid in een rijtje van 2 meter. Dat zijn meer dan 400 radijsjes. De plantjes stonden daardoor zó dicht opeen dat aan de meeste niet meer dan een lang, mager worteltje groeide.

Sommigen groeiden, ondanks de overbevolking, uit tot grote golfballen voor ze werden geoogst. De ongeoogste planten groeiden door en al snel zagen we mooie witte bloemen boven de rijtjes uittorenen.


De noodzaak van dunnen en verspenen

Elke tuinexpert benadrukt de noodzaak om je zaailingen uit te dunnen. Daarmee geef je de overblijvende plantjes de ruimte om uit te groeien.

Helaas wordt dat advies zelden ter harte genomen. De meeste tuinders dunnen pas uit als de plantjes te groot zijn. Daardoor kunnen die zich niet volledig ontwikkelen.

Rijtjes groentes in volkstuin
Heel veel plantjes in de rijtjes

Het is ook makkelijker gezegd dan gedaan. Het is heel moeilijk - zo niet onmogelijk - om half-volgroeide groentes te plukken.

Het druist in tegen onze natuur. We zijn allemaal groot gebracht met het idee hoe groter hoe beter. En hoe juist het uitdunnen ook mag zijn, het lukt ons niet. 

Eerst dacht ik dat de ervaringen van ons volkstuincomplex uniek waren. Maar toen ik rondkeek bleken andere tuinen in dezelfde staat te verkeren. Overbeplanting en niet of nauwelijks uitdunnen bleek een universeel probleem.


Tomaten: dé favoriete groente van Amerika

De zomer bracht tomaten.

Op 98 van de 100 tuintjes stonden de planten. Met een bonte verzameling steunmateriaal.

De ene helft bond de tomaten op met een krakkemikkig assortiment van oude hengels, gordijnrails en luxaflexlamellen.

De andere helft bouwde juist super stevige steunconstructies. Waaronder een massief en complex bouwwerk van lange bamboepalen.

Maar hoe vreemd of uitbundig de constructies ook waren: de tomaten werden veel te groot.

Ik herinner me vooral één perceel dat geheel was beplant met tomatenplanten. Genoeg voor een halve hectare, samengepropt in een klein volkstuintje.

De eigenaars verheugden zich op de oogst in de vorm van sauzen, soep, sap, verse en gedroogde tomaten. In augustus konden ze hun tuin niet eens meer betreden, laat staan de planten opbinden.

Nadat ze anderhalve kuip tomaten hadden geplukt vroegen ze zich af wat ze er in hemelsnaam mee zouden doen.


Zó veel oogst

Tegen die tijd zat ieder van ons in hetzelfde schuitje. We hadden zó veel oogst dat we ons bijna schaamden: geen idee wat we ermee aan moesten. 

Gelukkig gold dat maar een paar weken per jaar: de natuur lost het probleem meestal feilloos op.

Het ene moment kom je nog om in de courgettes. Zó erg dat je niet-tuinierende buren achter de bank duiken op het moment dat jij met armen vol de straat in loopt. Het volgende moment komt de boorkever langs. Dan is het met je planten gedaan.

Andere jaren, als je niet genoeg komkommers kan eten om de aangroei bij te houden, is het één nacht te koud en heb je de volgende dag geen plant meer over.

En de lentegroentes? Die hebben de fijne gewoonte om allemaal op het zelfde moment door te schieten.

Sta je de ene week nog de mooie rijtjes slakropjes te bewonderen, de week daarop staan ze in volle bloei.

En neem jij je voor om het jaar daarop eerder te oogsten, vóór ze volgroeid zijn.  

Verwaarloosde volkstuintjes met doorgeschoten sla
Verwaarloosde volkstuintjes en doorgeschoten sla


Eind van de zomer

In september was onze volkstuin een complete puinhoop, overgroeid met onkruid en doorgeschoten planten.

Minder dan de helft van de tuintjes werd nog bijgehouden. De meeste huurders kwamen soms wel langs om wat rijpe - meestal overrijpe - groenten te oogsten, maar het aantal toegewijde tuinders was afgenomen tot ongeveer 30. Van de oorspronkelijke 100. 

Herfst

Toen kwam de herfst: met hevige regen en storm. De tomaten waaiden om, de paprika's en aubergines legden het loodje.

Wat een troep: gebroken plantensteunen, omgewaaide constructies, geknakte plantenstengels. Het was zó ontmoedigend dat er nog maar 20 doorzetters overbleven.

Tegen de tijd dat de scholen weer begonnen werden ook die in beslag genomen door ouderavonden, feestjes in het weekend, voetbalwedstrijden op TV, bladeren harken en andere activiteiten. 

Op één van onze zaterdagochtend bijeenkomsten kwamen welgeteld zeven mensen opdagen.

Zeven.

Terwijl we in de lente 100 deelnemers hadden.

Dat was de druppel voor mij. Als zó’n grote groep mensen met een moestuin begint terwijl maar 7% het volhoudt, dan is er iets mis.

Na nog een jaar gelijksoortige ervaringen was ik ervan overtuigd dat er een betere manier moest zijn.

Waarom doen we het zo?

Deze vragen kwamen bij mij naar boven: 

  • Waarom planten we een heel zakje zaad op hetzelfde moment om daarna de meeste plantjes uit te moeten dunnen? Waarom zaaien we ze niet meteen op de juiste afstand?

  • Waarom is de onderlinge afstand van de plantjes in de rij 5, 10, 15 en 30 cm terwijl de rijtjes 60 tot 90 cm uit elkaar moeten liggen?

  • Waarom spitten en harken we onze grond los en rul, terwijl we er later weer overheen lopen en ons werk teniet doen?

  • Waarom zaaien we véél meer dan we opkunnen?

  • Waarom laten we onze tomaten, courgettes, meloenen en pompoenen zó uitgroeien dat ze ontzettend veel land innemen? Land dat allemaal gecultiveerd, bemest, bewaterd en gewied moet worden.

Het antwoord op al die vragen was steeds hetzelfde: “Omdat we het altijd zo gedaan hebben.“

Onderzoek en experimenten

Na een jaar vol onderzoek, overwegingen en experimenten ontwikkelde ik Square Foot Gardening (Vierkant Tuinieren).

Dat is een makkelijke en eenvoudig te leren methode, die het hele jaar door veel opbrengt. Die gegarandeerd werkt voor zowel beginners als ervaren tuiniers.  

Square Foot Gardening zorgt voor plezier in tuinieren. Je bent lekker buiten bezig met je handen in de aarde. Het resultaat is alles wat je wilt eten. Zonder een hoop kosten en moeite.

Voorbeeld grote Square Foot Garden tuin
Voorbeeld grote Square Foot Garden tuin

Square Foot Gardening bespaart je minstens 80% van de ruimte, tijd en kosten die je normaal nodig hebt voor een moestuin. Tegelijkertijd oogst je meer en beter. 

Uitdunnen en verspenen is praktisch overbodig, het wieden van onkruid is minimaal - net als water geven - en dat alles op een vijfde van de oppervlakte die je normaal voor dezelfde opbrengst zou gebruiken.

Bovendien heb je geen duur gereedschap of constructiemateriaal nodig. 

Te mooi om waar te zijn?

Zodra je begint met SFG ontdek je hoe logisch het is. Dan vraag je je af waarom je daar zelf niet op bent gekomen.


Tot zover het verhaal van Mel

Toen ik het las vond ik het allemaal zó logisch, dat ik meteen begon met mijn eerste vier bakken.

Jelle maakt zijn eerste moestuinbakken
Mijn eerste bakken in de maak

Dat werd zo’n succes dat ik vond dat heel Nederland dit moest weten.

Ik mailde Mel, vroeg zijn toestemming om een Nederlandse site te maken, en begon te schrijven.

De Makkelijke Moestuin was geboren :-)


En jij? Wat was jouw Aha!-moment?

Je kan je antwoord hieronder in de comments kwijt.

Ik ben benieuwd!

Moestuintips in je mailbox

Mail van Makkelijke Moestuin